Hernieuwbare energie in combinatie met stookolie

In Vlaams-Brabant staat een villa met een bijzondere verwarmings- en energie-installatie. Een buitengewoon project dat hernieuwbare energie optimaal wil benutten.

Een paar jaar geleden werd deze villa nog traditioneel verwarmd met stookolie. De eigenaars overwogen een volledige renovatie en uitbreiding van hun  verwarmingsinstallatie met een warmtepomp en zonnepanelen. Helaas gaf hun oude verwarming de geest nog voor het project van start kon gaan. Omdat het dringend was, verving hun verwarmingstechnicus op dat moment al de ketel door een stookoliecondensatieketel, rekening houdend met de toekomstplannen.

Die klassieke opstelling deed twee jaar dienst, tot de verbouwingswerken begonnen. Naast een bijgebouw kwamen er ook een wellnessruimte en een zwembad (dat het hele jaar door verwarmd wordt). Grote energieverbruikers dus. De eigenaar is zelf actief in de sector van hernieuwbare energie en wilde daar zoveel mogelijk gebruik van maken. Voor hem stond dit project vooral in het teken van energie-efficiëntie. Het budget kwam pas op de tweede plaats.

Cascade-opstelling
Op advies van zijn verwarmingstechnicus Raf Janssens, manager van verwarmingsinstallatiebedrijf 4technics, koos de eigenaar voor volgende cascade-opstelling: warmtepomp, zonne-energie, stookolie. De verwarming (vloerverwarming en enkele radiatoren), de productie van sanitair warmwater en de verwarming van het zwembadwater wordt voorzien door de warmtepomp, de zonneboiler en de stookolieketel.

De warmtepomp en de thermische zonnepanelen leveren prioritair hun energie en blijven zo lang als mogelijk de twee buffervaten (950 l en 300 l) bevoorraden. De ketel dient als bijverwarming wanneer er meer of sneller energie nodig is (een ketel kan een sanitair warmwatervat immers op korte tijd opwarmen).

De warmtepomp bodem/water haalt zijn energie op een diepte van 115 meter. Ze staat in voor zo’n 90% van de totale energievraag. Met behulp van sensoren controleert de warmtepomp voortdurend de temperatuur van de buffervaten.

De zonne-installatie op het dak van het bijgebouw bestaat uit fotovoltaïsche panelen met een vermogen van 3.825 watt piek en 18 m² thermische panelen (met vacuümbuizen). De fotovoltaïsche collectoren voeden ook een batterij voor de opslag van elektriciteit. Het doel is om de geproduceerde zonne-energie op te slaan, ter plaatse te verbruiken en zo weinig mogelijk elektriciteit van het net te moeten gebruiken. De verwarmingsinstallatie bestaat uit drie onafhankelijke kringen met klimaatregeling: de eerste voor de badkamer, de tweede voor de vloerverwarming en de derde voor de kelder. Elke ruimte van de woning is voorzien van een thermostaat. De verwarming wordt gestuurd door die thermostaten en niet door thermostatische kranen.

Raf Janssens, manager van verwarmingsinstallatiebedrijf 4technics

Streven naar autonomie
Voor de verbouwingen schommelde het stookolieverbruik rond de 5.000 liter per jaar. Uiteraard is de situatie niet meer vergelijkbaar, aangezien de context veranderd is. De combinatie van warmtepomp en zonnepanelen deed het verbruik zakken tot 2.300 liter per jaar. De ultieme droom van de eigenaar is om op termijn zelfvoorzienend te zijn. Dat zou hij nu al kunnen door een windmolen te installeren, maar de stedenbouwkundige regels laten dit niet toe.

“De huidige opstelling is vooral bedacht als een energieproject”, legt Raf Janssens uit. “Als de klant dat wenst, is het perfect mogelijk om in de toekomst de energiebronnen te kiezen in functie van de kosten. Het systeem is heel flexibel.” “Ik kom nu een paar jaar toe met een volle stookolietank”, voegt de klant eraan toe. “Het feit dat ik niet meer zo energie-afhankelijk ben is mijn grootste voldoening.” Volgens de verwarmingstechnicus is de investering op 7 tot 8 jaar terugverdiend. “Het is natuurlijk een complex en heel specifiek project. Elk project is anders en vraagt om een individuele aanpak, want de kleinste variabele is van belang, of het nu gaat om de behoeftes van de klant, het budget of de verwachte winst.”